banner-algemeen-1 banner-algemeen-2 banner-algemeen-3 banner-algemeen-4 banner-algemeen-5
Meer halen uit de biologische kringloop

DuPoCo Onderzoek naar duurzame potgrond

“Ontwikkeling van een duurzaam potgrondmengsel op basis van groencompost en (lokaal beschikbare en geproduceerde) secundaire grondstoffen”

Traditioneel is veen een belangrijk bestanddeel van substraten. Veen heeft namelijk unieke fysische, chemische en biologische eigenschappen voor de productie van substraten. Veen is echter een fossiele grondstof. Bovendien worden er tijdens de extractie van veen grote hoeveelheden CO2 uitgestoten . Er zijn alternatieve grondstoffen beschikbaar in Vlaanderen, maar de eigenschappen van deze alternatieve grondstoffen zijn nog niet voldoende gekend of voldoen vandaag nog niet aan de vereiste kwaliteit.
Eén van de taken van Vlaco is het bevorderen van de afzet van Vlaco‐compost. Samen met de
compostproducenten zoeken we mogelijkheden om naast Vlaco‐compost ook kwaliteitsvolle en duurzame compostproducten te ontwikkelen.
Uit verschillende proeven rond compostgebruik1,2 blijkt dat compost een onderdrukkend effect heeft op bepaalde plantenziekten. Bovendien beïnvloedt compost de opbrengst en kwaliteit van planten positief. Bijgevolg is compost dan ook een belangrijk bestanddeel van substraten. Een belangrijke eigenschap is dat Vlaco‐compost gegarandeerd vrij is van plantenziektes en onkruidzaden.
Ervaring leert dat er vandaag maximaal 20% compost ingemengd kan worden in een substraat.
Compost is immers rijk aan zouten en bevat van nature een hoge pH. In dit project gingen we op zoek naar composten die van nature een lagere pH en zoutconcentraties bevatten waardoor het aandeel verhoogd kan worden. Naast compost werden eveneens alternatieve lokaal beschikbare duurzame (secundaire) grondstoffen voor de productie van substraten gescreend en werd hun toepasbaarheid voor de potgrondproductie, als veenvervanger onderzocht. Er zijn namelijk verschillende alternatieve, duurzame, hernieuwbare grondstoffen lokaal beschikbaar in Vlaanderen, maar deze zijn vaak nog onvoldoende gekarakteriseerd. Een grondstof krijgt pas ingang als de kwaliteit en aanvoer constant en betrouwbaar is én de kwaliteit van veen evenaart of overtreft of nieuwe eigenschappen aan het substraat toevoegt.
Het is belangrijk voor Peltracom om kwalitatieve substraten te produceren zowel voor de
professionele alsook voor de hobbymarkt. Vandaag verwerkt Peltracom reeds heel wat compost in haar substraten, echter het gebruik ervan is gelimiteerd omwille van de minder geschikte chemische, fysische of biologische eigenschappen van compost. Bovendien wordt de publieke druk om minder veen te gebruiken in substraten steeds groter. Veengebieden zijn immers unieke habitats voor verschillende fauna en flora species. Ondanks de vele inspanningen van de industrie zoals het duurzaam ontginnen van veen en het terug in natuurlijke staat brengen (rehabilitatie) van veengebieden na extractie, komt het gebruik van veen voor de productie van potgrond steeds meer onder druk te staan. Dit project zal toelaten lokale alternatieve grondstoffen voor veen te identificeren alsook kwalitatieve compost voor de productie van substraten te ontwikkelen.
De benadering voor een veilig, stabiel, duurzaam en kwaliteitsproduct voor de hobbymarkt is op dit moment minder integraal en uitgesproken dan die voor professionele potgronden. Met dit onderzoeksproject streven we ernaar een duurzame én gegarandeerd kwaliteitsvolle hobbypotgrond te produceren , met een maximaal percentage aan hernieuwbare, duurzame grondstoffen.
Door diverse stakeholders (compostproducenten, substraatfabrikanten, eindgebruikers,onderzoeksinstellingen, gemeenten, intergemeentelijke verenigingen) te betrekken creëren we eenbreed kennisveld en dit onderzoek leidt tot een breed draagvlak voor de toepassing van deresultaten in de commerciële praktijk.De partners en deelnemers in dit project zijn Vlaco vzw, Peltracom, Renovius, IMOG en IgeanMilieu&Veiligheid. Onderzoekspartners zijn PCS en ILVO.

 

Algemene Conclusie

Uit dit onderzoek blijkt dat enkele chemische en fysische kenmerken van de alternatieve
grondstoffen het aandeel ervan beperken in de totale samenstelling van de universele
hobbypotgrond.
Op basis van de theoretische prognose, waarbij de individuele grondstoffen werden gecombineerd tot mengsels die aan de wettelijke normen3 voldeden, bleek al snel dat er behoefte was aan één geschikte alternatieve grondstof waarvan het aandeel in het mengsel aanzienlijk vergroot kon worden. Groencompost kwam hiervoor in aanmerking4 (nu in huidige productie reeds tot 20% ingemengd) dus onderzochten we, tijdens de uitvoering van werkpakket 2, de mogelijkheden om de pH en de EC bij te sturen. Dit gebeurde door het inputmateriaal te beperken tot louter snoeihout en een aantal extra mechanische bewerkingen tijdens het composteringsproces toe te passen. Uit de resultaten blijkt dat deze groencompost op basis van snoeihout tot 40% kan uitmaken van een potgrond. Dit is een verdubbeling!
Door gebruik te maken van deze groencompost op maat, slaagden we er in om toch recepten voor een kwalitatieve universele potgrond te ontwikkelen waar veen slechts 25% deel van uitmaakt en zelfs volledig tot werd 0% teruggebracht (zie Tabel 6 op pg 17).
In dit onderzoek bepaalden we de minimumeisen waaraan de andere alternatieve grondstoffen moet voldoen opdat die in aanmerking komen voor de productie van substraten.
Bovendien hielden we ook rekening met de kostprijs van het mengsel, de duurzaamheid en
beschikbaarheid van de grondstoffen en mogelijkheid om het mengsel op grote schaal te produceren (bv. aantal verschillende grondstoffen in een mengsel).
Uiteindelijk werden er vijf mengsels naar voor geschoven als mogelijke samenstelling voor DuPoCopotgrond.
De details van deze vijf mengsels zijn samengevat in de mengselfiches in Bijlage 5.
Hieronder kan u het rapport downloaden.

 

Partners in het project: