Organische stof = Dé Sleutelindicator voor bodemkwaliteit
De Bodemkundige Dienst van België (BDB) organiseerde op 23 maart 2005 een
studienamiddag naar aanleiding van de publicatie van 'De chemische bodemvruchtbaarheid
van het Belgische akkerbouw- en weilandareaal 2000-2003'. Deze studiedag was verhelderend
rond verschillende aspecten van de Vlaamse bodemvruchtbaarheid.
Hoe evolueert de bodemvruchtbaarheid de laatste jaren?
De nieuwe publicatie van de BDB geeft hier meer inzicht in. Vooral de evolutie
van organische stof in de bodem springt in het oog, want organische stof is
belangrijk voor zowel de fysische, chemische als biologische bodemvruchtbaarheid.
(Zie ook artikel: Bodemdegradatie tegengaan als onderdeel van de landbouw op
weg naar duurzaamheid in Vlacovaria 4 november 2004.)
Figuur 1 geeft de evolutie van het koolstofgehalte van de Vlaamse akkerbouwgronden
grafisch weer. De donkere kleur geeft de bodems met een hoger gehalte aan organische
stof dan de streefwaarde weer. De lichte kleur duidt op bodems die minder organische
stof dan de streefwaarde bevatten. Van 1982 tot 2003 is er dus duidelijk een
toename van de bodems met te weinig organische stof.
Figuur 1 Evolutie van de parameter percentage koolstof voor akkerbouwpercelen
(1982 - 2003). Licht => donker = verdeling lager => hoger dan de streefzone
Bron: De chemische bodemvruchtbaarheid van het Belgische akkerbouw- en weilandareaal
2000-2003, Bodemkundige Dienst van België, 2005.
Kwaliteit van de Vlaamse landbouwgronden: zijn we duurzaam bezig?
Zowel uit het jaarverslag van het Steunpunt Duurzame Landbouw (Stedula) als
uit de nieuwe publicatie van de BDB blijkt de hoeveelheid koolstof in de bodem
te dalen. Maar moeten we ons daarover zorgen maken of kunnen we gewoon verder
doen zoals we bezig zijn?
Stedula ontwikkelt indicatoren voor duurzame landbouw. Bodemkwaliteit is een
belangrijk thema. Onder duurzaamheid verstaan we het zorgvuldig beheren van
natuurlijke hulpbronnen. Voor de land- en tuinbouw is de bodem een noodzakelijke
hulpbron. Daarenboven is bodemdegradatie zowel op wereldschaal als binnen Europa
een belangrijk ecologisch probleem. Bodems zijn op menselijke tijdschaal niet-hernieuwbaar.
Ook de combinatie van vruchtbare bodems en het Vlaamse klimaat vormen op wereldschaal
een uitzonderlijk kapitaal. Dit kapitaal moeten we in stand houden. Om de kwaliteit
van de bodems te karakteriseren voert Stedula momenteel een onderzoek naar indicatoren
voor de bodemkwaliteit uit. Hierbij gaan ze op een gestructureerde manier via
een conceptueel raamwerk te werk. Bij de gevonden indicatoren is organische
stof de sleutelindicator. Stedula hanteert dan ook volgende stelling: 'We moeten
ons wel degelijk zorgen maken over de afname van organische stof in de bodem.
De overheid moet de invloed van hun beslissingen op de bodemkwaliteit in rekening
brengen. De landbouwers moeten verder bewust gemaakt worden van het belang van
duurzaam bodembeheer. En de wetenschappers moeten de onduidelijkheden verder
uitklaren.'
Hoe kunnen we het organisch stofgehalte in de bodem verhogen?
Het is belangrijk om op perceelsniveau de organische stofbalans in evenwicht
te houden door de juiste meststoffenkeuze te maken in functie van de teeltrotatie.
Omdat organische stof vooral op lange termijn belangrijk is voor de bodemvruchtbaarheid,
heeft de BDB enkele simulaties voor verschillende bemestingsstrategieën,
bodemtypes en gewassen uitgevoerd. Uit deze simulaties blijkt dat het opbouwen
van organische stof in de bodem een werk van vele jaren is. Compost is hierbij
goed bruikbaar. Compost bevat grote hoeveelheden stabiele organische stof en
beperkte hoeveelheden nutriënten, die bovendien zeer goed organisch gebonden
zijn.
|