Waarom zouden composteerbare kunststoffen ook vergistbaar moeten zijn?
Het gft-afval wordt in ongeveer 2/3de van de Vlaamse gemeenten en steden selectief ingezameld om te worden gecomposteerd tot de gecertificeerde bodemverbeteraar compost. Het Vlaamse beleid zet in op de vóórvergisting van dit gft-afval zodat er, naast een kwaliteitsvolle compost, ook groene energie wordt geproduceerd.
Wat is vergisting?
Vergisting is een gecontroleerd zuurstofloos afbraakproces van organisch-biologisch materiaal waardoor biogas en een gehomogeniseerd product (= digestaat) worden gevormd. Het milieu is er compleet anders dan bij een compostering, er is namelijk geen zuurstof aanwezig. In een vergisting zijn het ook micro-organismen die voor de afbraak zorgen, maar er zijn enkel anaerobe bacteriën, terwijl in een compostering zowel schimmels, aerobe bacteriën en actinomyceten actief zijn.
Composteerbare kunststoffen zijn dus niet per definitie biodegradeerbaar in een vergisting, in tegendeel zelfs: ze breken heel vaak niet af in een vergisting. In Vlaanderen wordt in de gft-verwerking volop geïnvesteerd in de bouw van voorvergistingsinstallaties. De compostering wordt dan vooraf gegaan door een voorvergisting, zodat er eerst biogas (groene energie) uit het gft wordt gehaald. Het digestaat dat wordt geproduceerd, wordt in de nacompostering verder gestabiliseerd en omgevormd tot een humusrijke compost. En dit is een extra reden waarom composteerbare kunststoffen niet tot het gft kunnen worden toegelaten: ze worden niet afgebroken in de voorvergisting en dreigen zelfs het proces te belemmeren.
Daarnaast staan er Vlaanderen een veertigtal vergistingsinstallaties waar bioafval van supermarkten, horeca en voedingsindustrie wordt verwerkt. Ook in deze installaties zullen composteerbare kunststoffen niet afbreken.
Meer info over composteerbare kunststoffen en de verwerking ervan vind je hier