Afronding Cmartlife-project (C12.1) rond duurzaam vruchtgroenten telen & serreloof verwerken
In het kader van het Europese Cmartlife-project (2021-2023), keken de OVAM en Vlaco samen met Boerenbond en proefcentra Proefstation voor de groenteteelt (PSKW) en Proefcentrum Hoogstraten (PCH), naar duurzamere verwerkingsopties van het serreloof van de voornaamste vruchtgroenten uit Vlaanderen (tomaten, paprika, courgetten, aubergine, komkommer).
Op het einde van elk teeltseizoen komt er een stroom serreloof (circa 24.000 ton/j) vrij. Die is vaak vervuild met polypropyleen- (PP) touwen en/of clipsen, voornamelijk bij loof van tomaten, paprika en komkommer. Hierdoor kan deze afvalstroom moeilijk hoogwaardig en/of lokaal verwerkt worden tot nieuwe producten, als organische bodemverbeteraars, meststoffen, substraten, bouw- of verpakkingsmateriaal. Het loof met niet-afbreekbare touwen en clips wordt meestal verbrand of gecomposteerd in naburige landen/regio’s met lagere doelstellingen inzake kwaliteit.
Met Cmartlife actie C12.1 is verder gebouwd op de teeltervaringen van de proefcentra met onder andere bioafbreekbare touwen en clips. Doel is de kringloop lokaal, kwaliteitsvol en economisch verantwoord te sluiten. De professionele composteringen in Vlaanderen spelen daarin een belangrijke rol. Er is maximaal afgestemd met diverse andere initiatieven rond serreloofvalorisatie (o.a. het Actieplan Voedselresten en Biomassareststromen, de Operationele Groep Selova en het LA-traject Zero-Waste)
Resultaten
Tussen 2021 en 2023 zijn proeven opgezet in zowel de serreteelt (bij PCH en PSKW) als bij de compostering (bij vier Vlaco-leden) met bioafbreekbare koorden en clips (bioplastic en metaal). Hieruit blijkt dat er in de serreteelt mogelijkheden zijn om zonder (plastic) clips of met louter bioafbreekbare bindmaterialen (touw en clips) te werken. Het kwaliteitsvol composteren van het serreloof dat hieruit voortkomt, is haalbaar op een groencompostering mits een voldoende lange composteerduur.
Daarnaast stelde Vlaco samen met de Boerenbond en overige stakeholders zowel een video tutorial als een gedetailleerde kosten-batenanalyse met instructievideo ter beschikking van telers en composteerders. De conclusie van de kosten-batenanalyse voor de telers luidt:
- In de tomatenteelt en de komkommerteelt op hoge draad – waar clips moeilijk vermijdbaar zijn – kunnen de alternatieven van biotouwen met metalen clips en van het Qlipr-systeem financieel voordeliger zijn.
- Bij ingedraaide tomaten- en paprikateelt (met hoogstens één clip) zijn de alternatieven (biotouw of Qlipr-systeem) qua materiaal- en verwerkingskost steeds duurder, waardoor men slechts met een GMO-steun (€/ha) tot een break-even kan komen.
- In serreteelten komkommer (traditioneel), aubergine en courgette is het financiële plaatje van indraaien in biotouw dan weer wel voordeliger (zonder of met een minieme GMO-steun).
Het is essentieel om af te stappen van plastic clips in de serreteelt in functie van de composteerbaarheid van verhakseld serreloof. Naast mogelijk gft-compostering is groencompostering – wegens een voldoende lange compostering en een lagere ‘gate fee’ – een beloftevolle optie om in Vlaanderen meer serreloof te composteren tot bodemverbeterend middel. De wettelijke optimalisering (Vlarem & Vlarema) die noodzakelijk is om serreloofstromen ook via groencompostering te verwerken, werd onderzocht en voorgelegd aan de OVAM en het Departement Omgeving, maar is nog niet gerealiseerd binnen de scope van C12.1 (2020-2023).
Als laatste deliverable en sluitstuk van C12.1 presenteerden Vlaco en OVAM begin 2024 de handleiding en diverse infographics die de technische, juridische en economische handvaten bieden om meer serreloof professioneel gecomposteerd te krijgen in Vlaanderen. De C12.1 handleiding is de leidraad van de voornaamste resultaten en deliverables van Cmartlife C12.1.


