Essunga Plantskola kiest volop voor duurzame boomkwekerij
Essunga Plantskola bestaat sinds 1937 en wordt inmiddels gerund door de derde generatie. Het bedrijf kweekt tuinplanten, zowel voor particulieren als voor het openbaar groen. Een groot deel van de teelt bestaat uit laan- en parkbomen, maar ook uit sierheesters, bessenstruiken, klimplanten en coniferen. Ze gebruiken hiervoor zaadgoed dat aangepast is aan de lokale omstandigheden zoals bodem en klimaat. Na de teelt vinden de bomen en planten hun weg naar klanten in heel Scandinavië. Het assortiment kan tegen vorst en kou. CEO Peter Welin en Carolina Carlsson kozen de laatste jaren samen met hun personeel om hun boomkwekerij op verschillende manieren te verduurzamen.
Essunga Plantskola ligt midden in de provincie Västra Götaland, op de meestal zwaardere bodems van Västergötland (Zweden). In totaal hebben ze 90 hectare land waarvan 27 hectare beteeld. Ook is er veel uitwisseling van gronden met boeren in de omgeving. De Plantskola heeft een goede relatie met de boeren, want vaak wordt de grond na boomkwekerij beter achtergelaten dan bij aanvang van de boomteelt.
Biochar als basis van een duurzaam substraat
In 2020 startte de Zweedse overheid met subsidies voor pyrolyse-installaties. In de zoektocht om een deel van het veen in hun substraten te vervangen, kwam biochar op hun pad. Essunga Plantskola koos voor een geautomatiseerd proces die 1m³ biochar per dag kan produceren. Hiervoor hebben ze 4m³ houtsnippers van spar nodig. De houtsnippers kopen ze lokaal aan en zijn met name afkomstig van de sparren die zijn aangetast door de letterzetter. Essunga gebruikt bij voorkeur grover biochar in de potten en maakt dus gebruik van grove houtsnippers. Het idee achter de grovere fractie is dat dit in de potten ook voor meer lucht zorgt. Het bedrijf mengt 25 à 30% biochar in hun substraat.
De biochar kost tussen de 175 en 600 euro per m³. Biochar is ook heel stabiel en kan dus als koolstofopslag in aanmerking komen. Essunga Plantskola is hiervoor recent gecertificeerd (EBC certification) en kan nu dus carbon credits krijgen voor de koolstofopslag.
De warmte die vrijkomt bij de pyrolyse wordt weer gebruikt voor het verwarmen van de bedrijfsgebouwen. Er wordt toegewerkt naar een volledig circulair systeem.
Biochar is verkoolde biomassa die ontstaat in een pyrolyseproces. De verbranding gebeurt bij 750 tot 900°C. Deze biochar zorgt voor een poreuze structuur en dus voldoende zuurstof in het substraat.




Een ander ingrediënt dat voor 20 à 25% gebruikt wordt in het substraat van Essunga Plantskola, is dikke fractie digestaat. Het digestaat ontstaat uit de vergisting van mest (van koeien, varkens en kippen) samen met een kleine hoeveelheid OBA vanuit de voedingsindustrie. De dikke fractie digestaat is nog vrij actief en zorgt voor de groei van gunstige mycorrhiza in het substraat. Ze bekijken ook de mogelijkheid om hennepvezels te gebruiken. De hennepindustrie in Zweden is heel klein. Daarom bekijken ze momenteel of ze hennep als groenbemester kunnen inzaaien en de vezels dan zelf produceren.
Hun substraat is gekenmerkt door een hoge pH, namelijk 7,7 tot 7,8 bij de start van de teelt. Toch ondervinden de planten hier weinig hinder van. Teeltmanager Johan Dahlenborg gaat ervan uit dat de mycorrhiza de planten hierbij helpen. Het eerste jaar is de groei wat minder, maar een heel goede groei in het tweede jaar compenseert dit. Het substraat heeft ook een heel hoge EC, namelijk 2500 µS/cm. Op deze boomkwekerij worden geen meststoffen met het water meegegeven. Alle meststoffen zitten in het substraat.
Minder plastic?
Naast een duurzamer substraat bekijken ze ook de mogelijkheden om minder plastic te gebruiken. Verschillende alternatieven voor de plastiekpotten passeren de revue. Potten uit gerecycleerde plastiek zijn getest, maar deze breken te vaak, waardoor ze niet herbruikbaar zijn en dus ook niet duurzaam. Momenteel vinden er proeven plaats met liners van bioplastics gemaakt uit zetmeel. Maar aangezien dit alleen bruikbaar is voor kleinere potten, is verder onderzoek nog nodig.
Om onkruidgroei in de potten tegen te gaan, dekken ze de potten af met een mulchschijf van kokos. Omdat deze schijven worden geïmporteerd vanuit Sri Lanka, is een alternatief hiervoor ook wenselijk. Na een bezoek aan ViaVerda in Destelbergen testen ze momenteel houtsnippers als alternatief uit.
In België worden bij de aanplant van bomen soms Ecopla-boomplaten gebruikt om rond de stam van jonge bomen of struiken te leggen. Deze zijn vervaardigd uit compost, papierslib en vezels.
Dubbelslag slaan met digestaat: organische meststof en mulchmateriaal
In de vollegrondsboomteelt nam Essunga Plantskola de onkruidbestrijding onder de loep. Verschillende herbicidetoepassingen zijn nodig om de zwarte strook rond de bomen onkruidvrij te houden. “Dit kan ook beter”, dacht Carolina Carlsson. Als oplossing hiervoor kwamen ze bij de dikke fractie digestaat uit. Na een eenmalige herbicidetoepassing in het voorjaar strooien ze 5 cm dikke fractie digestaat uit op de zwarte strook. Door het opdrogen van dit digestaat, wordt er op de bodem een korst gevormd die er goed in slaagt om het kiemende onkruid te onderdrukken. In augustus verwijderen ze het onkruid mechanisch. Indien nodig passen ze in het najaar nog éénmalig een herbicide toe. Deze techniek zorgt voor een grote reductie en besparing van het pesticidengebruik. Het digestaat heeft echter ook een kostprijs van 30 euro/m³.


Met de steun van:
![]()