Interreg North Sea Region SOILCOM

Eind 2018 werd het Interreg North Sea Region project SOILCOM goedgekeurd. Het project startte in februari 2019 en loopt 4 jaar. Vlaco is subpartner van ILVO in dit project. 

SOILCOM wil meer kwalitatieve compost kunnen inzetten in de Noordzeeregio, vooral in groenteteelt, sierteelt én boomkwekerij. Hiervoor werken landbouwadviseurs (Delphy, Hortiadvise Scandinavia), onderzoeksinstellingen (Aarhus University, James Hutton Institute, ILVO, PSKW, PCA, PCS, Hamburg University of Technology), compostproducenten (Klintholm i/s, Stadtreinigung Hamburg) en Vlaco – als sectororganisatie en als vertegenwoordiger van ECN – samen. 

SOILCOM

Ook de Nederlandse landbouwadviseur Delphy maakt deel uit van de projectgroep

3 grote uitdagingen die de projectgroep van SOILCOM vandaag aangaat:

1. Grote verschillen per regio wegwerken

Hoe producten op maat ontwikkeld worden, verschilt van regio tot regio. Via het project wordt info uitgewisseld om in iedere regio een aantal casestudies rond compost op maat uit te werken. Dit kan zowel compost op maat van een bepaalde toepassing, bodemtype of teelt zijn, als een verbetering van de algemene compostkwaliteit.

Het uitgangspunt is dat de ECN QAS basiskwaliteitsvereiste moet zijn voor alle composten en dat in functie van de toepassing bijkomende specifieke eisen afgetoetst moeten worden.

Naast verschillen in composteerprocessen, zijn er tussen de deelnemende regio’s ook verschillen naar teeltsysteem, bodemtype en wetgeving. Via bevraging van compostproducenten en telers, proberen de onderzoekers de noden en het aanbod aan compostproducten op elkaar af te stemmen. De voorziene analyses van de compost gaan verder dan de wettelijk verplichte parameters en bekijken bijvoorbeeld ook CEC (cation exchange capacity) en microbiologische eigenschappen van de compost.
Image
 

2. Een werkbare gemeenschappelijke mestwetgeving op poten zetten

Hoe kunnen de overheden landbouwers stimuleren om werk te maken van de opbouw van stabiele organische stof in de bodem? Dit is een gemeenschappelijk werkpunt binnen SOILCOM. De manier waarop de nutriënten in compost in rekening gebracht moeten worden, is heel erg verschillend van regio tot regio.

Binnen het project wordt een overzicht gemaakt van de verschillende wetgevingen die van toepassing zijn. Waar mogelijk wordt kennis van één regio in andere regio’s nuttig gebruikt.

We denken hierbij bijvoorbeeld aan de argumenten voor de vrijstelling van 50 % van de fosfor uit groen- en gft-compost in Vlaanderen en Nederland, die ook zouden kunnen gebruikt worden in Duitsland of Denemarken. 

3. Werk maken van een overkoepelende kwaliteitsopvolging

De regionale verschillen tussen kwaliteitsopvolging van compost zijn vrij groot. In sommige regio’s is er een goed uitgebouwde wettelijk verplichte certificering van compost, zoals in Vlaanderen. Vlaco is erkend als certificeringsinstelling om die controle uit te voeren. In andere regio’s is geen opvolging verplicht of voorzien. Dit betekent dat er geen gecertificeerde kwaliteitsgaranties kunnen worden geboden, zodat vaak heel wat potentiële gebruikers argwanend staan tegenover compost.

Om het gebruik van compost te stimuleren zijn een gegarandeerde kwaliteit en een positief imago essentieel. Kwaliteitscontrole vervult hierin een belangrijke rol. De normen van het ECN QAS zorgen voor een basis compostkwaliteit. O.a. Denemarken zal in het kader van Soilcom bekijken hoe ze met kwaliteitsopvolging van start kunnen gaan. 


ECN QAS

Een verdere verspreiding van de Europese kwaliteitsstandaard van ECN is belangrijk om het imago van compost te verhogen. 
 

Met steun van:

Prov antw Provincie oost vlaanderen